(eerder gepubliceerd in Buitenspoor, 2013)
Een stevige maaltijdsoep met … zuurkool en cabanossi. Dat zijn Italiaanse worstjes die in een goede supermarkt wel te krijgen zijn. Mocht je ze niet kunnen kopen, gebruik dan in fijne plakjes gesneden salami of chorizo. Wanneer er geen niet bereide casselerrib voorhanden is, dan kun je ook blokjes gekookte of gegrilde achterham gebruiken. Voeg die wel wat later aan de soep toe; bijvoorbeeld 10 minuten voordat de pan van het vuur gaat.
Wanneer je de soep op een koele plaats kunt wegzetten, kun je hem ook ’s morgens al maken, laten afkoelen en tot ’s avonds wegzetten. De smaken trekken dan goed door de soep. Uiteraard weer lekker warm maken voordat je de soep gaat eten.

100 gram spekblokjes uitbakken.
Daarna een kleine gesnipperde ui en een teentje fijngesneden knoflook bij het spek(vet) doen en bakken tot de ui goudgeel is.
Giet er 250 cl vleesbouillon (van een blokje) bij en breng het geheel aan de kook.
Voeg 250 gr zuurkool (niet uit laten lekken) en 100 gram in blokjes gesneden casselerrib toe en laat de soep 30 minuten met de deksel op de pan zachtjes koken.
Was een kleine groene paprika en snijd die in dunne reepjes. Doe die bij de soep samen met 100 gram in dunne plakjes gesneden cabanossi en 1 theelepel milde paprikapoeder.
Laat de soep nog 15 minuten zachtjes koken en breng daarna op smaak met peper (en zout).
Schep van het vuur af per bord een scheut slagroom (koffieroom kan ook) door elk bord soep.